08 november, 2013

Cultuur & Evenementen

Studenten hebben ontegenzeggelijk een bijdrage geleverd aan het culturele klimaat in Leiden. Sinds 2006, toen het Leiden International Film Festival (opgericht als Leids Film Festival) het levenslicht zag, volgen de nieuwe initiatieven elkaar in rap tempo op. Zie Stukafest, de Museumnacht en SummerJazz. De filmfreaks blijken een rode loper te hebben uitgelegd naar het stadhuis. “In het cultuurbeleid is nadrukkelijk als doelstelling opgenomen dat studenten actief en passief bij cultuur moeten worden betrokken.”

Leiden biedt voor veel studenten een plek om te wonen, te studeren, te werken en te feesten. Wat de meeste mensen wellicht niet weten, is dat zij ook iets teruggeven aan de stad door bij te dragen aan het cultureel aanbod. Harry Kies, destijds lid van studentenvereniging Augustinus, zette eind jaren zeventig als onderdeel van een lustrumfeest een cabaretavond op. Zijn initiatief groeide uit tot het Leids Cabaret Festival, nog steeds een jaarlijks terugkerend evenement in de Leidse Schouwburg waar nieuw cabarettalent wordt ontdekt. Dat was in 1978. Vier jaar later volgde Werfpop, een muziekfestival dat anno 2013 ook nog steeds met veel succes wordt georganiseerd.

Passie voor film

Vervolgens bleef het lang stil, totdat in 2006 enkele dispuutgenoten van (opnieuw) Augustinus het Leids Film Festival oprichtten. Een van hen is Alexander Mouret, die zich inmiddels directeur van het Leiden International Film Festival mag noemen. Hij vertelt hoe een groepje enthousiaste studenten met een passie voor film op een avond in de kroeg het idee opvatte om een eigen productie op te sturen naar een filmfestival. “Is er in Leiden eigenlijk een festival, vroegen we ons af”, aldus Mouret. “Het antwoord was nee, en toen besloten we om zelf een festival te organiseren. Konden we in ieder geval ons eigen filmpje laten zien…”

'Ik heb het idee dat de gemeente nu meer open staat voor nieuwe initiatieven'

De filmfreaks hadden eigenlijk geen idee waar ze aan begonnen. “We zijn met veel mensen koffie gaan drinken en een aantal daarvan heeft ons toen geholpen”, kijkt Mouret terug. De studenten zaten onder meer om de tafel met bioscopen, de gemeente en Leidse ondernemers. Ze schoven ook aan bij het Leids Cabaret Festival. Hoewel beide partijen de passie voor cultuur deelden en de filmers veel konden leren van de cabaretiers, was er één belangrijk verschil: het Leids Cabaret Festival had voornamelijk te maken met de Leidse Schouwburg, terwijl het Leids Film Festival hulp nodig had van de gemeente. De contacten tussen de gemeente en de studenten moesten vrijwel vanaf de grond worden opgebouwd.

De bewoners van de toekomst

“Het was best lastig”, zegt Mouret. “Maar aan de andere kant hebben we het niet zo ervaren. We gingen blanco het avontuur aan, omdat we nog niet eerder zoiets groots hadden georganiseerd. We hadden allemaal zoiets van: the sky is the limit.” Een instelling die haar vruchten heeft afgeworpen. Het festival maakt jaarlijks een groei door en kon in 2012 rekenen op 30.000 bezoekers. “Ik heb het idee dat de gemeente nu meer open staat voor nieuwe initiatieven dan toen”, aldus Mouret. “Ik denk dat we hebben bewezen dat dit soort culturele evenementen van toegevoegde waarde zijn voor de stad. Er ontstaat een aangenamere omgeving. Niet onbelangrijk, want in Leiden is het een probleem dat veel studenten na hun afstuderen de stad weer verlaten.”

522009_439691346134991_750248983_n1395937_440397152731077_1474281252_n

Die visie wordt gedeeld door Jan-Jaap de Haan, wethouder Cultuur, Werk en Inkomen. “Studenten zijn de bewoners van de toekomst”, zegt hij. “We willen graag dat ze ook na hun studie in de stad blijven wonen.” Een groot cultureel aanbod kan wellicht het verschil maken in het voordeel van Leiden. “In het cultuurbeleid is nadrukkelijk als doelstelling opgenomen dat studenten actief en passief bij cultuur moeten worden betrokken”, is de Haan duidelijk. De wethouder is blij met de studenteninitiatieven en vooral ook met hun inventiviteit. “Ze komen met ideeën voor vernieuwende evenementen. Studenten die bij mij aan mijn tafel komen, spreken geregeld de volgende zin uit: Toen hebben we nagedacht over wat er nog ontbreekt in Leiden en toen kwamen we op het volgende idee… Ze hebben een ondernemende, enthousiaste en open houding en komen daardoor sympathiek en uitnodigend over op andere partijen. Daardoor zijn de gemeente, Leiden Marketing en Leidse ondernemers sneller bereid om mee te werken.”

Studentenverenigingen, een vruchtbare bodem

Na het Leids Film Festival werd de kiem gelegd voor meer succesvolle door studenten opgezette evenementen. Een daarvan is SummerJazz, een initiatief dat ontstond bij studentenvereniging Quintus. Jeroen Sprangers, bestuurslid en medeoprichter van SummerJazz, zegt dat zijn organisatie dank is verschuldigd aan het filmfestival, dat inmiddels door het leven gaat als Leiden International Film Festival. “Toen wij met ons idee voor een jazzfestival naar buiten traden, werden we al vrij snel doorverwezen naar de oprichters van het LIFF. We hebben een aantal goede gesprekken gevoerd met Alexander Mouret. We hebben veel gehad aan de mensen die de weg voor ons hebben vrijgemaakt.”

Na SummerJazz ontstonden ook het festival Cultuur? Barbaar! en het jonge kunstenaarscollectief Ark of Art. Ongetwijfeld zullen er nieuwe initiatieven volgen. Vaak ontstaan de ideeën bij studentenverenigingen, waar gelijkgestemden met elkaar in contact komen. “Er zijn een hoop mensen met veel vrije tijd, brede interesse en de juiste capaciteiten”, vat IJsbrand Olthof, voorzitter van SummerJazz, samen. “Onder het genot van een biertje worden er gekke ideeën verzonnen. Wat dat betreft vormen de studentenverenigingen een vruchtbare bodem.”

Van hobby naar beroep

Ook erg interessant: sommige studenten weten van hun hobby hun beroep te maken. Het Leids Cabaret Festival is bijvoorbeeld uitgegroeid tot een professioneel impresariaat voor cabaretiers en theatermakers. Aanvankelijk was Harry Kies Theaterprodukties jarenlang gevestigd in Leiden. Tegenwoordig heet de organisatie Bunker Theaterzaken en is zij gevestigd meld je aan lcf-2014HR (1)in Amsterdam. Er werken negen mensen op kantoor. Ook het Leiden International Film Festival werkt tegenwoordig met betaalde krachten, de zakelijke leiding is in handen van twee parttime krachten.

Hoewel SummerJazz het jongste festival van de drie is en een deel van de organisatie nog uit studenten bestaat, is ook hier sprake van professionalisering. Jeroen Sprangers en IJsbrand Olthof zijn ervan overtuigd dat het festival verder kan groeien als er ervaren mensen meewerken. De groei van het afgelopen jaar, van 2.300 bezoekers in 2012 naar 3.000 in 2013, bewijst dat. “Onze mensen weten precies wat ze moeten doen om het festival ieder jaar groter en gaver te maken”, aldus Sprangers. “Iedereen in de organisatie beschikt over die drive.”

De succesverhalen liggen dus voor het oprapen. Wie volgt?

Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks de beste artikelen