Leidse regio is spelmaker met Economische Agenda 2020

07 februari, 2014

Economie & Werk

De Leidse regio is de meest kennisintensieve regio van Nederland. Het behouden en versterken van die positie gaat niet vanzelf en om die reden is de Economische Agenda Leidse regio 2020 opgesteld. Het betreft een economische visie voor de komende jaren met een groslijst aan actiepunten. Op 12 februari ondertekenen betrokken partijen een convenant ter bekrachtiging van hun samenwerking. Maar waar tekenen zij eigenlijk voor?

Voordat we beschrijven wat de Economische Agenda precies inhoudt, is het goed om eerst de betrokken partijen in kaart te brengen. Het betreft namelijk een unieke samenwerking, een verbond van De 3 O’s: Overheid, Ondernemers en Onderwijs & kennisinstellingen (zie kader). Vertegenwoordigers van deze betrokken partijen hebben ideeën en gedachtes uitgewisseld tijdens zogenoemde thematafel-bijeenkomsten. Daarnaast is een stuurgroep geformeerd om het project vlot te trekken. In een jaar tijd is zowel de Economische Agenda als een uitvoeringsprogramma opgesteld en vastgesteld.

'We' hebben elkaar nodig

Een belangrijk kenmerk van de Economische Agenda is dat over gemeentegrenzen heen wordt gekeken. De belangrijkste motoren van de kenniseconomie (Universiteit Leiden, Leiden Bio Science Park en LUMC) zijn weliswaar in Leiden gevestigd, maar de ruimte om te ondernemen en te produceren is bescheiden in de stad. 100909 vogelvlucht zuid oost LBSPLeiderdorp, Oegstgeest, Voorschoten en Zoeterwoude kunnen en willen die ruimte geven aan kennis en kenniswerkers, zowel als woongemeente als qua locatieaanbod voor bedrijven. Conclusie: ‘we’ hebben elkaar nodig.

Het uitgangspunt voor de Economische Agenda is dat de Leidse regio een onderscheidende economische positie behoudt ten opzichte van de zogeheten Noordvleugel (Amsterdam, Schiphol) en Zuidvleugel (Den Haag, Rotterdam). ‘Nadrukkelijk onderdeel zijn van het speelveld en zelf het spel maken, daar gaat het om op weg naar 2020’, zo valt te lezen in het document. Om dat te bereiken hebben de opstellers van de Economische Agenda een ambitie geformuleerd: De Leidse regio wil een duurzame plek zijn in de top van Europese kennisregio’s met life sciences & health als sleutelsectoren en spin-off voor productie, midden- & kleinbedrijf en dienstverlening in de regio zelf, in termen van nieuwe banen, omzetstijging en nieuwe markten.

Vijf doelstellingen

In de visie voor de toekomst is life sciences & health dus de belangrijkste economische pijler voor de Leidse regio. Eerder kon je op Leiden.nu al lezen dat de vestigingscriteria voor het Bio Science Park zijn verruimd, waardoor ook bedrijven in de health-sector toegang krijgen. Daarnaast is het zaak dat ook andere bedrijven in de Leidse regio gaan meeprofiteren van het sterke cluster van life sciences & health, waardoor extra werkgelegenheid ontstaat voor alle opleidingsniveaus. De bovengenoemde ambitie moet werkelijkheid worden door het realiseren van 5 doelstellingen, die we onderstaand kort zullen toelichten.

1. Het versterken van de economische structuur van de Leidse regio

Ingezet wordt op verbreding van de al aanwezige kennis. Universiteit Leiden en het LUMC moeten nauwer gaan samenwerken met de Hogeschool Leiden en de ROC’s en ook het bedrijfsleven moet optimaal gaan profiteren van 200906 - OctoPlus binnen 1 - Production facilitiesde kennis bij onderwijsinstellingen. Zoals gezegd wordt gestreefd naar een betere aansluiting tussen de kennistop en het MKB. Dat is pure noodzaak, want uit onderzoek blijkt dat het MKB in de Leidse regio en de Bollenstreek matig presteert ten opzichte van andere regio’s in Nederland. Versterken van de economische structuur betekent tot slot ook dat er kansen worden aangegrepen om te komen tot cross-overs met andere economische sectoren, zowel binnen als buiten de regio.

2. Het stimuleren van ondernemerschap

De Leidse regio stond tot een aantal jaar geleden te boek als een woonregio; mensen wonen hier en werken buiten de regio. Er is inmiddels een omslag op gang gekomen, maar nog steeds is het van belang meer werkgelegenheid te creëren. De samenwerkende partijen rond de Economische Agenda willen het ondernemerschap stimuleren om extra bedrijvigheid in eigen geledingen van de grond te krijgen. Ingezet wordt op het opleiden van starters, het faciliteren van netwerken, het ontwikkelen van zogenoemde broedplaatsen waar (kleinere) bedrijven kunnen samenwerken en vermindering van de regeldruk voor ondernemers.

3. Betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt

De beschikbaarheid van voldoende gekwalificeerd personeel is een voorwaarde om de sterke positie van de Leidse regio in de top van de Europese kennisregio’s te behouden. Samenwerking tussen het onderwijs en het regionale bedrijfsleven is dus van groot belang. In de Economische Agenda is opgenomen dat er een arbeidsmarktmonitor wordt ontwikkeld om vraag en aanbod op de regionale arbeidsmarkt voortdurend in kaart te brengen. Daarnaast vinden de samenwerkende partijen dat jongeren een duidelijk perspectief moet worden geschetst van hun kansen op de regionale arbeidsmarkt, lees: een toekomst in life sciences, health, zorginnovatie, techniek en welzijn. Andere middelen zijn doorlopende leerlijnen (betere aansluiting tussen VMBO, MBO en HBO) en zorg voor voldoende kwalitatieve stages en leer-werkplekken. Specifieke aandacht is nodig voor werkloosheid onder laagopgeleiden en jongeren.

4. Verbetering van het vestigingsklimaat voor bedrijven

Wat maakt een regio tot een aantrekkelijke plek voor een bedrijf om zich te vestigen? Naast de arbeidsmarkt en ondernemerschap, vormen bereikbaarheid en beschikbare ruimte een doorslaggevende factor. Een prettig leefklimaat voor werknemers en het imago van een regio kunnen ook meespelen. In de Economische Agenda wordt gestreefd naar de ontwikkeling van werklandschappen; gebieden waarin het werken centraal staat, maar waarin economische functies worden gemengd en eventueel gecombineerd met woon- en groenfuncties. De hotspots van de regio moeten bereikbaar zijn, onder meer door de aanleg van de Rijnlandroute, het oplossen van knelpunten rond het Bio Science Park, LUMC en Leiden CS. Aan nieuwe verkeersknooppunten ontstaan mogelijk interessante plekken, zogenaamde kanslocaties, bijvoorbeeld de A4-zone in Leiderdorp en het MEOB-terrein in Oegstgeest.

Leiden uitwerking_002_1 maart_def-01

5. Regiomarketing richting bedrijven en talent

De Leidse regio is aantrekkelijk: uitstekende ligging, hoog welvaartsniveau, een gevarieerd woonaanbod en een cultureel aanbod met allure. Dat verhaal moet beter over het voetlicht worden gebracht, vinden de samenwerkende partijen. Er wordt een eenduidig profiel opgesteld waarnaar wordt verwezen in communicatie over de regio. Doel is om zowel bedrijven als talenten aan te trekken en te behouden. Een ander middel om de regio ‘te laten zien’ is het vergroten van het aantal (inter)nationale congressen.

Uitvoeringsprogramma's en programmamanager

Om van visie naar werkelijkheid te komen worden uitvoeringsprogramma’s opgesteld. Het eerste geldt voor de periode 2013-2015. Er wordt een programmamanager aangesteld om het proces in goede banen te leiden. Het uitvoeringsprogramma wordt jaarlijks geactualiseerd in de vorm van een jaarprogramma, waarbij wordt gerapporteerd over de voortgang. Gezien het gewicht van de samenwerkende partijen zullen we in de toekomst nog regelmatig gaan horen van dit grootschalige beleidsdocument.

Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks de beste artikelen