Op naar vijf Breestraten

25 april, 2013

Opinie

Als het al niet lukt om de Breestraat één zaterdag af te sluiten, hoe moet het dan ooit wel een busarme prettige winkelstraat worden?

Nieuwe bestrating en verlichting, minder bussen – dan komen de leukere winkels en de extra bezoekers vanzelf. Dat is in het kort de gedachtegang achter de plannen voor de Breestraat. Nog in 2013 wil de gemeenteraad een besluit nemen, zodat in het eerste kwartaal van 2014 de boel op de schop kan. Maar er zitten nog wel een paar haken en ogen aan.

De bussen

_DSC0018Tot een paar jaar geleden was de mogelijke komst van een sneltram door de Breestraat het schrikbeeld van menig Leidenaar. Voorstanders van de Rijn Gouwe Lijn voerden aan dat die nare bussen dan tenminste konden verdwijnen. Intussen is de RGL van het toneel verdwenen, maar de hekel aan bussen is gebleven. Het gemeentebestuur probeert nog voor de zomer tot overeenstemming te komen met de provincie en Arriva over vermindering van het aantal bussen in de Breestraat. Nu zijn het er 650 per etmaal, dat getal moet uiteindelijk onder de 325 komen: nog ongeveer tien per uur in elke richting.

De theorie is dat ‘de bus naar Zoetermeer’ niet per se door het Leidse centrum hoeft. Alleen bussen die mensen vanuit Leidse wijken naar stadhuis, markt en winkels brengen (en vice versa uiteraard), gaan straks nog door de Breestraat. Of die beruchte bus naar Zoetermeer vanaf het station al over Langegracht en Hooigracht kan, of misschien toch liever over de singels, en of dat geen passagiers en/of reistijd kost, dat wordt allemaal nog uitgezocht. Veel hangt ook samen met andere ontwikkelingen. Op de Hooigracht ontstaat pas ruimte als er een ringweg-oost komt, maar zover zijn we de eerste jaren nog niet. En de Breestraat heeft geen tijd te verliezen, vindt men aan de Breestraat.

De Breestraat zal nooit de Ramblas worden.

De fietsers

De Breestraat is een van de drukste fietsroutes van Leiden, dus van de wereld. Dat zal ook wel zo blijven, want als er straks minder bussen rijden, fietst dat nog lekkerder. Zij het dat mét de bussen waarschijnlijk ook het asfalt eruit kan, zo staat in de voorlopige plannen. Omdat klinkertjes er pas een echte winkelstraat van maken. In eerste instantie betreft dit voornemen alleen het zogeheten kernwinkelgebied: van V&D tot Korevaarstraat. Ook een verlaging van de maximumsnelheid naar 15 km/uur behoort daar trouwens tot de mogelijkheden die worden onderzocht. Daar zal de ene fietser gelukkiger van worden dan de ander. Een aantrekkelijk alternatief is er echter niet, en de bedoeling is ook niet dat fietsers straks massaal de Vismarkt of het Rapenburg nemen. De Breestraat blijft de doorgaande route, waar de fietsveiligheid zelfs verbetert. Of fietsers echt ruim baan krijgen, moet worden betwijfeld. Mogelijk dat de stoepen verdwijnen – en dat verhoogt de kans op kriskras overstekende voetgangers.

De winkels

In een tijd waarin winkels het moeilijk hebben, door de crisis maar ook door structurele veranderingen, zijn de Breestraat-plannen ambitieus. Help je die straat er echt weer bovenop door een ‘looprondje te creëren’ en hem voor miljoenen euro’s te verfraaien? Kunnen straks de Haarlemmerstraat, de Nieuwe Rijn en de Breestraat, met alle straten daartussenin, allemaal florerende winkelstraten zijn? En dan ook nog de Hogewoerd en de stegen richting Pieterskerk, waar de bijzondere winkeltjes zitten. Is dat niet al te optimistisch?LNU-Breestraat2022

Het lijkt niet zo’n gek tegengeluid van Frits van Oosten, die betoogt dat voor een mooi winkelgebied Nieuwe Rijn, Botermarkt en Aalmarkt het doel zouden moeten zijn, en de Breestraat het middel om daar (met fiets of ov) te komen.

Een andere relativering komt van GroenLinkser Walter van Peijpe, die in de raadsvergadering van maart opmerkte: ‘’De Breestraat zal nooit de Ramblas worden. Daarvoor heb je in Leiden te weinig zakkenrollers.’’ Maar ook, serieuzer, omdat er volgens hem niet één Breestraat is, maar minstens vier. ‘’Van acht tot negen is het een verkeersader, van negen tot elf een distributiecentrum, ’s nachts is het wandelgebied van dronken Minervanen en op zaterdag is het succesvolle shared space.’’

Wat is nou eigenlijk het probleem? Je kunt mopperen op de bussen, de kappers en de fietsen op de stoep, maar met een iets zonniger bril op kun je de Breestraat ook een multifunctioneel binnenstedelijk natuurverschijnsel noemen, dat geheel onnodig een slechte naam heeft. Het is er soms druk, ja, maar sinds wanneer kunnen winkeliers niet met drukte omgaan?

In de gemeentelijke plannen gaan, veelbetekenend, de eerste zinnen over een slecht imago en een onduidelijke functie. Het streven wordt vervolgens aldus geformuleerd: De Breestraat wordt weer een straat waar het aangenaam verblijven is. Tja, daar kun je dan weer moeilijk tegen zijn. Doe er nog maar een vijfde Breestraat bij.

Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks de beste artikelen