24 april, 2013

Stad & Politiek

Als het aan minister Plasterk (Binnenlandse Zaken) ligt hebben we straks geen gemeenten meer met minder dan 100.000 inwoners. De vraag is dus: wanneer sluiten de omliggende gemeenten zich aan bij Leiden?

Samenwerken doen we in de Leidse regio al jaren, zo niet decennia. Daarbij is overigens niet altijd sprake geweest van tweerichtingsverkeer. In de jaren negentig toog een boer uit de Grote Polder naar het gemeentehuis van Zoeterwoude om te melden dat er een stel Leidse ambtenaren op zijn grondgebied aan het meten was. Het wantrouwen in het dorp tegen de gemeente Leiden was groot, en misschien niet onterecht. Het liep eigenlijk al niet meer zo lekker sinds 1966, toen Leiden de Roomburgerpolder en de Stevenshofpolder (van Voorschoten) annexeerde.

Holland-Rijnland

Inmiddels gaat het stukken beter. Het besef is er bij Leiden en zijn buurgemeenten dat ze niet zonder elkaar kunnen. Tastbaar bewijs is Holland Rijnland, het samenwerkingsverband van vijftien gemeenten, opgericht in 2010. Dit platform bundelt de krachten bij grensoverschrijdende onderwerpen, of als samenwerking simpelweg tot meer efficiëntie leidt. De samenwerking loopt goed, en wordt alleen nog maar belangrijker als gemeenten in 2015 een reeks nieuwe taken op het gebied van welzijn, zorg en werken erbij krijgen.

Is het voor de komende jaren voldoende om het Holland Rijnland-vuur wat op te stoken? Of koersen we met zijn allen stevig af op een fusie, zoals Plasterk dat graag ziet? ‘Met zijn allen’ zijn in dit verband logischerwijs Leiden, Leiderdorp, Zoeterwoude en Oegstgeest. Voorschoten is een twijfelgeval: dat schurkt stevig tegen Wassenaar aan.IMAG0972

Momentum

Ruud Hessing is voormalig Eerste-Kamerlid, oud-wethouder van Leiden en momenteel raadslid voor D66 in Oegstgeest. Hij spreekt van een ‘momentum’ voor een samengaan van Leiden en buurgemeenten. “Er wordt al jaren gepraat over fusies, maar als puntje bij paaltje komt gebeurt er niets. De huidige ontwikkelingen, waarin we in Holland Rijnland laten zien hoe we met onze nieuwe taken omgaan, bieden aanknopingspunten om nu eindelijk de stap te zetten om samen te gaan. We zijn allemaal onze positie aan het heroverwegen, de kippen zijn nu toch al van de leg. Voor mij voelt het als een uur van de waarheid. En besluiten we het niet te doen, dan zie ik het er het komende decennium niet meer van komen.”

Geen doel op zich

Zoeterwoudenaar Gerard van der Hulst is docent aan het ROC Leiden en stond als raadslid voor het CDA in zijn woonplaats aan de wieg van de Zoeterwoudse deelname in Holland Rijnland. Hij ziet het iets anders. “Zelfstandigheid moet nooit een doel op zich worden. Ik denk dat we het met een intensivering van de samenwerking tussen de Holland Rijnland-gemeenten nog wel een tijd kunnen uitzingen. En dat het goed is om samen te werken op de onderwerpen waarbij je samen sterker staat, maar bij andere zaken helpt kleinschaligheid. Veel Zoeterwoudenaren denken er net zo over.”

In Leiderdorp gaf vorig jaar een meerderheid van het publiek bij een politiek café aan samen te willen gaan met Leiden. Zestig procent van de toen aanwezigen stemde hiervoor. De Leiderdorpse regio-coördinator Arnoud Nierop wees erop dat Leiderdorp klein blijft in een omgeving die steeds meer trekken van een metropool krijgt.

Politieke krachten

Blijkbaar zien steeds meer gemeenten de urgentie van samengaan. Grote speler Leiden houdt zich in dit verband enigszins op de vlakte en wil niet inhoudelijk reageren op de vraag wanneer Leiden gaat fuseren met omliggende gemeenten. Daar is natuurlijk ook geen eenduidig antwoord op te geven. Naast praktische zaken spelen er vooral veel politieke krachten. Van der Hulst: “Dat in Zoeterwoude het gevoel leeft dat we zo lang mogelijk zelfstandig moeten blijven, komt natuurlijk ook doordat we er relatief goed bij staan. We hebben weinig maatschappelijke problemen, weinig werkloosheid. Een luxe positie.”

Dat is in Oegstgeest wel anders. Die gemeente verkeerde al eerder aan de rand van de financiële afgrond met twee nieuwbouwprojecten die een fiasco werden. “De Bollenstreek wil ons al niet meer hebben”, sombert Hessing. “We moeten ook oppassen dat we niet als een zielig hoopje tegen Leiden aan blijven hangen. Dat dreigt wel een beetje. We hebben ons met Poelgeest en Nieuw-Rhijngeest mooi in een hoekje geverfd.”

Eeuwigdurend gezelschapsspel

Wat Hessing betreft gaan we dus samen, en wel nu. “Dat praten over fusies, het is een eeuwigdurend gezelschapsspel. Terwijl er helemaal niet zoveel hoeft te veranderen. Ik zou het liever omdraaien: We laten nu al zien goed te kunnen samenwerken, dan is een fusie wat mij betreft een logische volgende stap.”

 

Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks de beste artikelen