11 juli, 2013

Stad & Politiek

Ook volgens de nieuwe regels mogen alle winkels in de stad elke zon- en feestdag open, maar het fenomeen avondwinkel wil het gemeentebestuur laten uitsterven.

Met de nieuwe winkelsluitingstijdenwet die per 1 juli van kracht is, komt een einde aan de beroemde discussie over ‘toeristisch gebied’. Gemeenten mogen voortaan zelf bepalen aan welke zaken ze een ontheffing geven om bijvoorbeeld op sommige of alle zondagen open te zijn. Ze hoeven zich daarbij niet meer in bochten te wringen om aan te tonen dat ook hun buitenwijken een toeristenattractie op zich zijn.Schermafbeelding 2013-07-11 om 12.21.27

In de Leidse verordening was al opgenomen dat alle winkels in de hele stad elke zon- en feestdag open mochten, en dat blijft zo. De enige verplichte sluiting is nog op Kerstavond, Goede Vrijdag en 4 mei. Dan moeten alle winkels na 19 uur dicht.

Een verhaal apart zijn de regels rond avondwinkels, die een vergunning hebben om na 22 uur nog open te zijn, tot 02 uur ’s nachts. Ook op dat punt krijgen gemeenten meer vrijheid, waar in de oude winkeltijdenwet één avondwinkel per 15.000 inwoners mocht worden toegestaan. Leiden heeft er momenteel drie: op de Breeestraat, de Steenstraat en bij station De Vink. Die drie behouden hun vergunning, maar nieuwkomers zijn als het aan burgemeester en wethouders ligt uitgesloten. Bovendien kunnen de huidige drie eigenaren hun vergunning niet overdragen aan een eventuele opvolger. Als reden noemt het stadsbestuur de vrees voor overlast in de binnenstad van ‘een van de dichtstbevolkte steden van het land’. Daarnaast wordt geconstateerd dat er, zeker in de binnenstad, genoeg winkels tot 22 uur open zijn.

De nieuwe verordening moet nog door de gemeenteraad worden vastgesteld.

Vorige artikel

Raad redt Singelpark

Volgende artikel

Voor stad en portemonnee

Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks de beste artikelen