09 juli, 2013

Stad & Politiek

De pogingen om het winkelen in Leiden aantrekkelijker te maken, buitelen over elkaar heen. Cultuur! Korting!!! En binnenkort ook in uw stad: bewustwording.

Het nieuwste middel waarmee de Leidse middenstand ons probeert te lokken is de vorige week geïntroduceerde LeidsePas. Voor 25 euro krijg je een jaar lang korting of andere aanbiedingen in tot dusverre een kleine tweehonderd winkels, cafés, restaurants, rondvaartboten en dergelijke. Voor toeristen is er een variant van een tientje. Die is hooguit een week geldig en gaat vergezeld van een gidsje en een plattegrond.Schermafbeelding 2013-07-09 om 11.10.49

De LeidsePas is geen actie van het centrummanagement, maar een idee en een onderneming van oud-centrummanager Joost Bleijie samen met zijn broer. Vergelijkbare passen zijn in allerlei steden, van Alkmaar tot New York, een redelijk succes. Al heeft Centrummanager Erwin Roodhart daar meteen een kanttekening bij. Dat succes, zegt hij, wordt meestal afgemeten aan het aantal pashouders en het aantal aangesloten bedrijven. Terwijl je eigenlijk met name extra publiek wilt. “In Leiden wil je bijvoorbeeld museumbezoekers verleiden om ook een kop koffie in de stad te gaan drinken. Dat soort kruisbestuiving zit volgens mij nog niet in het aanbod van de LeidsePas. Of mensen straks echt zeggen: laten we vandaag naar Leiden gaan, want daar krijgen we een drankje bij de maaltijd, daar heb ik een hard hoofd in.”

Vanuit het centrummanagement overigens geen kwaad woord over de LeidsePas, hoor. Roodhart: “Het is een charmant initiatief, het wordt door genoeg ondernemers gedragen. Wij hebben gezegd: je mag het doen, alleen voor ons als organisatie is het geen speerpunt. Wij richten ons op kwaliteit, niet op prijs. De kwaliteit van de openbare ruimte in de binnenstad bijvoorbeeld.”LNU-aanbieding

Cultuur in de winkels

Met het Verrassend Winkelweekend – de combinatie van cultuur en winkelen in elk laatste weekend van de maand – gaat centrummanagement ook komend jaar door. Vorige week verscheen de evaluatie van het eerste jaar. Daaruit blijkt dat dankzij de acties en optredens in zulke weekends op zaterdag 7 % en op zondag 45 % meer publiek naar de stad komt. Of de winkels ook meer omzetten is nog niet bekend. Daarvoor waren er nog te weinig partijen die hun cijfers met hem wilden delen, zegt Roodhart. De meeromzet hoeft wat hem betreft ook niet op die dag zelf plaats te vinden. Zolang het inzicht dat het in Leiden leuker winkelen is dan in Alphen of Zoetermeer, maar terrein wint.

LNU-prijs Winkeliers zouden volgens Roodhart ook nog meer hun best kunnen doen om omzet te halen uit de bezoekersstroom tijdens de Verrassend Winkelweekends. Door uit te leggen wat er gaande is en daar een actie aan te koppelen. “Mango deed het goed. Die hadden gedurende het uur dat er een bandje speelde, een bepaalde korting. En de cd was bij de toonbank te koop.” Het centrummanagement zelf heeft als punten die beter kunnen de zichtbaarheid van de deelnemende winkels en het aantal optredens.

Mensen zijn best geïnteresseerd in het verhaal van een winkelier

Hart voor je stad

En dan is er alweer sprake van de volgende campagne om het shoppen in de binnenstad te bevorderen. Voormalig Leids winkelier Kees Schafrat voert in Hengelo en Almelo actie onder de noemer ‘Weet waar je koopt. Hart voor je stad’. Doel is om mensen bewust te maken van het belang van de middenstand, en hen zodoende te verleiden hun boeken, kleding en elektronica niet online te kopen maar in een fysieke winkel. Hij haalde er veel publiciteit mee en beschouwt de actie alleen daarom al als geslaagd. Inmiddels hebben Leidse winkeliers aan centrummanager Roodhart gevraagd om een lokale variant te ontwikkelen. Hij bespreekt die wens een dezer dagen met zijn adviesraad. Zelf gelooft hij wel in dit soort morele klantenbinding. Hij noemt het eerder dit jaar verschenen boekje Ik zie u vaker dan mijn moeder, ook een blijk dat mensen best geïnteresseerd zijn in het verhaal van een winkelier. In het verlengde daarvan ligt het bewustzijn dat je door ergens te kopen ook de lokale economie steunt, in plaats van de aandeelhouders van het internetbedrijf. “Al moeten we ons als stad dan wel waarmaken. Met de allerbeste service en klantvriendelijkheid. Vergeet het dan maar met online.”

Vorige artikel

Rem op avondwinkels

Volgende artikel

Vergeet de alfa’s niet

Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks de beste artikelen