12 januari, 2014

Wetenschap & Kennis

In 2013 bestond de leerstoel Arabisch aan de Leidse universiteit 400 jaar. Die verbinding tussen Leiden en de Arabische wereld heeft haar sporen nagelaten in de stad. De nieuwe stadswandelgids ‘Islamitisch Leiden’ laat je de bekende en onbekende Arabische invloeden in de stad zien. Leiden.nu ging op pad, met de wandelgids en twee levende gidsen. “Ik fiets hier al vier jaar dagelijks langs, maar dit was me nog nooit opgevallen!” Door: Marieke Epping. Foto’s: Sabine Bezstarosti

We beginnen onze wandeling langs de sporen van 400 jaar Arabisch in Leiden aan de Witte Singel. Bij de Universiteitsbibliotheek staan gidsen Sabine en Zeynep ons op te wachten, twee studenten Arabisch die zijn getraind om de stadswandeling te geven. De Universiteitsbibliotheek is ook het eerste ‘object’ in de wandeling: hier ligt namelijk de collectie Arabische manuscripten en geschriften van de universiteit, de grootste collectie van Nederland. “De Leidse collectie is heel uitgebreid, en het mooie is dat heel veel daarvan ook gewoon voor ons als studiemateriaal beschikbaar is”, vertelt Sabine. “Ook zit één deur verder op de Witte Singel de afdeling Midden-Oostenstudies van de faculteit Geesteswetenschappen, waar wij bijna al ons onderwijs hebben, en het NINO” (Nederlands Instituut voor het Nabije Oosten – red.), vult ze aan. “Dus dit is eigenlijk een beetje het thuishonk voor de arabisten in Leiden.”

Voortreffelijke Waardigheid van het Arabisch

We vervolgen onze weg over de Reuvensbrug, langs het Arsenaal, de Rembrandtstraat in. Daar bevindt zich de Al Hijra Moskee, die schuilgaat achter een onopvallende gevel van een voormalige protestantse kerk. Zeynep legt uit: “De naam van de moskee, Al Hijra, staat voor de migratie van de profeet Mohammed van Mekka naar Medina, in het jaar 622 na Christus. Dat is het begin van de islamitische jaartelling.” In de jaren zestig is deze oude kerk in gebruik genomen als moskee, maar inmiddels is de gemeenschap de moskee aan de Rembrandtstraat ontgroeid en komt er een nieuwe, grotere moskee in het Haagwegkwartier. “Voor veel studenten en docenten van Arabisch is dat wel jammer, zij gaan hier vaak bidden.”

Over het Noordeinde lopen we verder, de Breestraat in. Bij de Schoolsteeg houden we stil. “Hier, waar nu kledingwinkel Dominia zit, woonde Thomas Erpenius, de eerste hoogleraar Arabisch van Nederland. Hij woonde boven en had op de benedenverdieping zijn drukkerij”, vertelt Sabine. In mei 1613 sprak Erpenius zijn oratie uit, met als titel ‘De Voortreffelijkheid en Waardigheid van het Arabisch’, de start van vierhonderd jaar arabistiek in Leiden. Dit is ook de titel van de huidige tentoonstelling over de geschiedenis van de Leidse Arabische traditie in het Rijksmuseum van Oudheden. Sabine vervolgt: “Erpenius had zijn eigen drukkerij omdat hij ontevreden was over de Arabische drukletters van andere drukkerijen. In het Arabisch hebben veel letters namelijk niet maar één vorm, maar twee of drie: je schrijft een letter anders afhankelijk van de positie van de letter in het woord. Erpenius vond dat al die verschillende vormen niet goed gedrukt konden worden, en ontwikkelde zijn eigen drukletters. Die zijn ook na zijn dood nog lang door andere drukkers gebruikt.”

Liever Turckx dan Paaps

De gevel van “In den Vergulden Turk” aan de Breestraat. De Turkse figuur in het midden van de gevel symboliseert de handel met het Midden-Oosten van de gebroeders Le Pla. De rechterfiguur heeft een pak lakens onder zijn arm, en achter hem staat een angora-geit.

De gevel van ‘In den Vergulden Turk’ aan de Breestraat. De Turkse figuur in het midden van de gevel symboliseert de handel met het Midden-Oosten van de gebroeders Le Pla. De rechterfiguur heeft een pak lakens onder zijn arm, en achter hem staat een angora-geit.

We lopen door in de Breestraat, naar de V&D. Daar valt de recent gerestaureerde gevel van ‘In den Vergulden Turk’ direct op. “Dit was het huis van de gebroeders Le Pla, handelaren in lakens en grein”, vertelt Sabine. “De gebroeders Le Pla lieten deze gevel maken om hun rijkdom te tonen. Ze handelden heel veel met het Midden-Oosten: daar kochten ze de ruwe wol in, om het hier in Leiden te laten bewerken tot lakens en grein en vervolgens weer in het Midden-Oosten te verkopen. Vandaar dat op de gevel een figuur met een tulband centraal staat”, aldus Sabine. “Grein is een wollen stof, waarin angorawol of zijde wordt verwerkt”, vult Zeynep aan. “Dat zie je dan ook terug in de gevel: naast de liggende figuur rechts zien we een angora-geitje. Ook heeft deze figuur een pak lakens onder zijn arm.”

Op de gevel van het Stadhuis zijn op de torentjes kleine halve maantjes te zien. Mogelijk is dit een verwijzing naar de leus van de Watergeuzen, die de stad van de katholieke Spanjaarden bevrijden: “Liever Turckx dan Paaps”

Op de gevel van het Stadhuis zijn op de torentjes kleine halve maantjes te zien. Mogelijk is dit een verwijzing naar de leus van de Watergeuzen, die de stad van de katholieke Spanjaarden bevrijdden: ‘Liever Turckx dan Paaps’.

We gaan nog een klein stukje verder in de Breestraat, naar het stadhuis. Want ook op het Leidse stadhuis zijn Arabische ‘sporen’ te vinden: kijk omhoog naar de voorgevel en je ziet op alle kleine torentjes een gietijzeren halve maan. “Ik fiets hier al vier jaar bijna dagelijks langs, maar dit is me nooit opgevallen!”, roept onze fotograaf verbaasd uit. Sabine: “Dat is het leuke van de verschillende arabica in deze wandeling: ze zitten op plekken die je wel kent, maar je weet helemaal niet dat het er zit. Dat had ik ook de eerste keer dat ik de wandeling doornam.” Niet iedereen is het er over eens met welke reden deze maantjes, die we kennen als een bekend islamitisch symbool, op de gevel zijn geplaatst. “Over het algemeen wordt aangenomen dat het een verwijzing naar de Watergeuzen is, die Leiden hebben bevrijd van de Spanjaarden”, legt Zeynep uit. “Zij hadden als leus: ‘Liever Turckx dan Paaps’, om hun hekel aan de katholieke Spanjaarden duidelijk te maken. Je ziet deze leus en de halve maantjes ook terug in de ambtsketting van de voorzitter van de 3 October Vereeniging.” Sabine lacht: “Een andere verklaring is dat de architect van het stadhuis die maantjes gewoon mooi vond, maar dat is een veel minder leuk verhaal natuurlijk!”

Islamitisch Leiden

Het muurgedicht van de Arabische dichter Adonis, met de Engelse vertaling, op de hoek van de Papengracht. Dit gedicht is aangebracht ter ere van 400 jaar Arabisch in Leiden.

Het muurgedicht van de Arabische dichter Adonis, met de Engelse vertaling, op de hoek van de Papengracht. Dit gedicht is aangebracht ter ere van 400 jaar Arabisch in Leiden.

Langzaam lopen we terug naar het beginpunt van onze wandeling, maar niet zonder op de hoek van het Gerecht en de Papengracht het Arabische muurgedicht van de moderne dichter Adonis te bewonderen, dat ter ere van de viering van 400 jaar Arabisch in Leiden is aangebracht. Ook lopen we langs het huis van Christiaan Snouck Hurgronje, op Rapenburg 61. “Deze Leidse arabist en islamoloog was een belangrijk maar ook controversieel academicus”, vertelt Sabine. “Hij deed veel onderzoek naar de islamitische bedevaart, de hadj, en hij heeft zich bekeerd tot de islam zodat hij naar Mekka kon gaan. Hij is toen ook binnen in de kaäba geweest, en heeft daar foto’s gemaakt. Die foto’s zijn nu te zien in het Museum Volkenkunde in de tentoonstelling over de hadj.” Ze gaat verder: “De autoriteiten waren daar natuurlijk niet zo blij mee, dat er foto’s van hun heiligdom waren gemaakt. Ze hebben Snouck Hurgronje toen weggestuurd uit Mekka, maar hij heeft zijn foto’s wel gepubliceerd.”

De Clusius-tuin in de Hortus Botanicus. Vroeger was de omheining veel hoger, om te voorkomen dat de kostbare tulpen niet uit de tuin gestolen werden.

De Clusius-tuin in de Hortus Botanicus. Vroeger was de omheining veel hoger, om te voorkomen dat de kostbare tulpen uit de tuin gestolen werden.

We maken nog een laatste stop bij de Hortus Botanicus. Daar staat een borstbeeld van Carolus Clusius, de botanicus die in 1593 de opdracht van de Universiteit Leiden kreeg om een medicinale kruidentuin aan te leggen. Voor veel kennis over de geneeskunde was men aangewezen op Arabische geschriften, waarin de kennis uit de Antieke Oudheid bewaard was gebleven. Dat gold ook voor Clusius. Ook haalde hij veel gewassen voor de tuin uit het Midden-Oosten, waaronder de beroemde tulp. “Die tulpen waren zo gewild en zoveel geld waard, dat er een groot hek om de tuin moest staan, anders kwamen mensen de tulpen uitgraven en stelen”, vertelt Sabine.

Dan zijn we alweer bij ons beginpunt aangekomen. “Dit is eigenlijk een verkorte versie van de rondleiding”, vertelt Zeynep. “In de stadsgids Islamitisch Leiden staan nog veel meer plekken in de stad die de verbinding tussen Leiden en de Arabische wereld laten zien, zowel in het centrum van de stad als daarbuiten. Je kunt met de gids dus gewoon je eigen route samenstellen.” Een aanrader om eens met andere ogen naar je eigen stad te kijken!

Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks de beste artikelen