16 oktober, 2013

Wetenschap & Kennis

Toen de pas afgestudeerde biologen Bas Reichert en Erna Barèl in 1993 hun bedrijf BaseClear oprichtten, was Leiden aan de niet-centrumkant van het station vooral nog polder. Twintig jaar later telt het bedrijf veertig werknemers en staat het op het meest vooraanstaande in levenswetenschappen gespecialiseerde bedrijvenpark van Nederland. “De successtory van het Bio Science Park is dat je hier alles hebt”, zegt Barèl. Dat maakt het bedrijventerrein onweerstaanbaar voor grote internationale farmaceutische bedrijven. “Maar het ontbreekt de Leidse wetenschap zelf aan ondernemerszin. Veel kennis blijft nog op de plank liggen”, zo stelt Reichert.

Reichert  en Barèl, respectievelijk CEO en CFO van BaseClear, staan Leiden.nu te woord in de vergaderzaal van hun bedrijfspand. Aan de overkant van de straat is afgelopen jaar het futuristische hoofdkantoor van Astellas uit de grond gestampt. Koffie schenken ze in kopjes met daarop hun logo en de leus “For 100% DNA Results”. “Alles wat wij doen, heeft te maken met DNA”, legt Reichert uit.

Genetische code

Het idee voor de oprichting van een bedrijf ontstond nog voordat Reichert en Barèl wisten wat dat bedrijf precies ging doen. Barèl vertelt: “Tijdens onze studie biologie kregen we een relatie. We zagen er allebei toekomst in om een bedrijf te beginnen. Bas liep in die tijd stage op het Clusius laboratorium en raakte als student al gespecialiseerd in de techniek van de DNA sequencing.” Reichert gaat verder: “Toen ik in ’93 afstudeerde, kwam er steeds meer apparatuur voor het sequencen van DNA in de markt. Daarin zag ik de mogelijkheid om een bedrijf te beginnen en mijn eigen vak te blijven beoefenen.”

Biologen die besluiten een bedrijf te starten: dat was een unicum. Reichert: “Het was helemaal niet gebruikelijk om een eigen bedrijf te beginnen. We werden vreemd aangekeken. “Zou je dat nu wel doen?”, of: “Je bent gek”, kregen we te horen. We hadden helemaal geen geld. Het voordeel daarvan is trouwens dat je ook van niks kunt leven. Onze ouders gaven ons een beetje geld om op te starten. En we vonden gelukkig al vrij snel een leverancier met wie we een deal sloten. We kregen apparatuur voor het sequencen van DNA die we pas later hoefden te betalen. Met deze apparatuur bepaal je de volgorde van de basen waaruit het DNA is opgebouwd.”

Buffelen

BaseClear

Bas Reichert en Erna Barèl in 1993.

Barèl vertelt: “In 1993 betrokken we een klein hokje als laboratorium en een kantoor in het gebouw van BioPartner achter het Universitair Sportcentrum bij de A44. Vervolgens gingen we de boer op. We vertelden aan potentiële opdrachtgevers wat we konden. De eerste twee klanten dankten we eraan dat ze ons een kans gunden. Vervolgens moesten we goed werk leveren. Dat was allemaal best spannend in het begin. Het was echt buffelen. Elke cent die we verdienden ging terug in het bedrijf. In 1994 konden we onze eerste werknemer aannemen. We hebben lang tussen de vijf en acht werknemers geschommeld. Het bedrijf groeide van tijd tot tijd erg snel. We hebben veel jaren gekend van 10 procent groei. Inmiddels hebben we veertig mensen in dienst.”

BaceClear levert inmiddels een breed scala aan diensten, maar DNA blijft de gemene deler. Reichert: “DNA sequencing is nog steeds een belangrijk onderdeel van ons bedrijf. Het gaat inmiddels allemaal veel sneller. In het begin konden we alleen heel kleine stukjes doen, nu kunnen we in enkele dagen de genetische code van een heel mens leveren. Geef ons een buisje bloed, een blaadje van een plant of een micro-organisme en wij bepalen de basevolgorde op het DNA. Als de klant dat wil, geven we er ook nog een interpretatie bij.” Barèl vult hem aan: “We onderzoeken de vraagstelling van onze klanten en doen dus vooral toepassingsgericht onderzoek. Sommige van onze klanten in de voedingsindustrie moeten steriel werken. Wanneer er een besmetting wordt aangetroffen, dan zoeken wij uit om welke soorten bacteriën het gaat. Als dat met spoed moet, kan dat in een paar uur.”

Enzymen die wij hebben gemaakt, vind je nu in de supermarkt in wasmiddelen als Omo en Ariel.

Het blijft niet alleen bij het bepalen van de genetische code, Baseclear máákt ook DNA. “We kunnen DNA synthetiseren in elke mogelijke volgorde”, vertelt Reichert. “Dat doen we bijvoorbeeld voor de ontwikkeling van nieuwe enzymen. Door het DNA te veranderen, kun je enzymen maken die bij 0 graden Celsius vet afbreken in plaats van bij 37 graden. Enzymen die wij hebben gemaakt, vind je nu in de supermarkt in wasmiddelen als Omo en Ariel. We werken ook aan enzymen die gebruikt kunnen worden in de productie van biobrandstof.”

Symbiose

Bedrijven als Baseclear leveren diensten aan andere bedrijven en voeren hun onderzoek uit. Daarmee zijn ze een belangrijk onderdeel in de symbiose die het Bio Science Park tot een succes maakt. “Tien grote bedrijven creëren werk voor zeventig kleine bedrijven die hen ondersteunen”, legt Barèl uit. “Op het Bio Science Park vind je drie soorten bedrijven. Ten eerste heb je grote gesettelde bedrijven als Janssen Biologics die productie draaien. Ten tweede heb je bedrijven als Prosensa die ontstaan als spin-off van de Universiteit Leiden of het LUMC. En ten derde heb je bedrijven die dienstverlenend zijn. Dat is de successtory van het Bio Science Park. Je hebt hier alles bij elkaar.”

Leidse wetenschappers zijn te weinig ondernemend.

BaseClearDe dienstverlenende bedrijven op het Bio Science Park moeten het niet alleen hebben van grote multinationals. Reichert vertelt: “Naast bedrijven als Dupont en DSM, zijn wij ook afhankelijk van startende ondernemers. Maar de groei van het Bio Science Park is vooral het gevolg van grote bedrijven die zich, dankzij acquisitie die de gemeente in het buitenland doet, hier vestigen en niet van spin-offs van de universiteit. Binnen de universiteit wordt het nog steeds nauwelijks gestimuleerd om een bedrijf te beginnen. Zo blijft kennis die tot goede bedrijven zou kunnen leiden op de plank liggen. Leidse wetenschappers zijn te weinig ondernemend. De Universiteit Leiden zou veel meer kunnen doen om dat te stimuleren. Dat heeft ook met het kortetermijndenken in Nederland te maken.” Barèl vult aan: “De overheid heeft wel wat regelingen getroffen om onderzoek te stimuleren, maar die zijn alleen te gebruiken als je winst maakt. En dat is bij beginnende bedrijven nog niet zo. Wat wel opvallend is, is dat er in Delft veel meer startende bedrijven zijn.”

Voor BaseClear is innovatie van levensbelang. Alleen door de nieuwste technieken in huis te hebben, kan het bedrijf blijven voldoen aan de behoefte van klanten. En daarvoor is het Bio Science Park de ideale omgeving. Reichert: “Samen met de Hogeschool Leiden en Naturalis zijn wij het Centre of Expertise Genomics begonnen. Hier worden nieuwe technieken ontwikkeld en onderwezen aan studenten.” Aan voldoende personeel komen is voor BaseClear niet moeilijk. Tekorten aan MBO-geschoolde technici raken het bedrijf niet. Barèl vertelt: “We hebben vooral banen op HBO en WO-niveau en nauwelijks op MBO-niveau. Ook werkt een aantal gepromoveerde wetenschappers bij ons. Dat zijn afdelingshoofden die het contact met de klanten doen. We proberen zoveel mogelijk werk in zo min mogelijk tijd te doen. Veel gebeurt dan ook door robots en onze mensen zoeken altijd naar verbeteringen van de logistiek. Zo blijft het werk uitdagend.”

Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks de beste artikelen